Naar hoofdinhoud

Artikel 10.

Hoorzitting

Onderdeel van Verordening commissie bezwaarschriften Krimpenerwaard 2016

1.. De voorzitter van de kamer bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de kamer te laten horen. 2.. De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Algemene wet bestuursrecht  op basis van een mandaat van de commissie ex artikel 10:1 e.v. Algemene wet bestuursrecht. 3.. Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel