Naar hoofdinhoud
1.. Het lidmaatschap van de Adviesraad eindigt: eigen verzoek; bij overlijden; na het verstrijken van de zittingsduur behoudens herbenoeming; Indien het lidmaatschap onverenigbaar is geworden op grond van artikel 5 lid 7 en lid 8 van deze verordening; na een ontslagbesluit van het College, zulks op voordracht van de Adviesraad. 2.. Een lid van de Adviesraad kan zijn lidmaatschap tussentijds, middels een schriftelijke kennisgeving aan het College, beëindigen met een opzegtermijn van twee maanden. 3.. De Adviesraad draagt zorg voor een rooster van aftreden. Dit rooster is zodanig dat er voldoende basiskennis geborgd blijft om de continuïteit van het functioneren van de Adviesraad te waarborgen. 4.. De Adviesraad draagt een kandidaat voor een tussentijds opengevallen plaats uiterlijk een maand voor de beoogde benoemingsdatum aan het College voor.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel