Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten:
Het aangaan van leningen, het uitzetten van middelen of het verlenen van garanties is alleen toegestaan voor de uitoefening van de publieke taak. Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd om te bepalen of sprake is van een publieke taak, met inachtneming van artikel 3 lid 4;
Uitzettingen en financiële derivaten moeten een prudent karakter hebben en mogen niet gericht zijn op het genereren van inkomen door het lopen van overmatige risico's;
Derivaten worden uitsluitend gebruikt ter beperking van financiële risico’s;
Het college van burgemeester en wethouders informeert in ieder geval vooraf de raad en neemt pas een besluit nadat de raad in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college van burgemeester en wethouders te brengen met betrekking tot het verstrekken van leningen, waarborgen en garanties groter dan € 100.000,00.