Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Voorwaarden

Onderdeel van Verordening Langdurigheidstoeslag 2009

1.. Aan de in artikel 36, eerste lid, van de wet gestelde voorwaarde van het hebben van een langdurig, laag inkomen is voldaan als gedurende de referteperiode het inkomen niet uitkomt boven 100 procent van de bijstandsnorm. 2.. Geen zicht op inkomensverbetering als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de wet heeft degene die voldoet aan het bepaalde in het eerste lid. Inkomen uit of in verband met arbeid dat gedurende de referteperiode in enig jaar is ontvangen, mag niet meer bedragen dan de van toepassing zijnde langdurigheidstoeslag. 3.. Geen recht op langdurigheidstoeslag bestaat als de belanghebbende: op de peildatum of in de referteperiode een opleiding volgt of heeft gevolgd als bedoeld in de Wet op de studiefinanciering of de Wet Tegemoetkoming Onderwijsbijdrage en Schoolkosten; in onvoldoende mate heeft getracht algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen en aanvaarden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel