Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk IV

Artikel 19.

Beschikking tot subsidievaststelling

Onderdeel van Algemene Subsidieverordening Ouder-Amstel

Het college beschikt vóór 1 juli van het jaar van afloop van het jaar waarvoor een budget- of exploitatiesubsidie is verleend tot subsidievaststelling. 2. Het college beschikt binnen drie maanden na ontvangst van de aanvraag tot vaststelling van de eenmalige subsidie. 3. Het college kan zonodig in voorkomende gevallen een andere termijn bepalen en doet daarvan mededeling aan de betreffende organisatie. 4. Indien de activiteiten zijn uitgevoerd en de subsidieontvanger heeft voldaan aan alle aan de subsidieverlening verbonden verplichtingen, stelt het college de subsidie vast overeenkomstig de subsidieverlening. 5. Het college kan op grond van artikel 4:46 van de Awb, tweede lid de subsidie lager vaststellen, indien: de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden; b. de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen; c. de subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van deze onjuiste of onvolledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot subsidieverlening zou hebben geleid; of d. de subsidieverlening anderszins onjuist was en de subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten. Het college kan de subsidie geheel of gedeeltelijk ambtshalve vaststellen indien na afloop van de hersteltermijn de aanvraag tot vaststelling niet voldoet aan de vereisten zoals gesteld in artikel 17. 7. Aan de vaststelling van waarderingssubsidies gaat geen subsidieverlening vooraf. In dit geval wordt onmiddellijk het definitieve bedrag van de subsidie vastgesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel