Lid 1
Op basis van het afdelingsplan bespreken de direct leidinggevende en de ambtenaar in het functionerings- en POP gesprek welke opleiding de ambtenaar moet of wil volgen. De direct leidinggevende neemt de te volgen opleiding op in het afdelingsplan, indien deze naar diens oordeel van belang is voor de organisatie en/of het (toekomstig) functioneren van de ambtenaar. Het opleidingsbudget van de afdeling is hierbij taakstellend.
Lid 2
Indien de in lid 1 bedoelde opleiding is opgenomen in het vastgestelde opleidingsplan kunnen aan de ambtenaar studiefaciliteiten worden verleend. Hiertoe wordt in overleg tussen leidinggevende en medewerker het formulier “Aanvraag studiefaciliteiten” ingevuld.