Lid 1
Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet vermeldt de namen van de aanwezigen, met daarbij een vermelding van hun hoedanigheid.
Lid 2
Het verslag houdt een korte vermelding in van hetgeen over en weer is gezegd en overigens tijdens de zitting is voorgevallen.
Lid 3
Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag worden gehecht.
Lid 4
Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter van de commissie en door de secretaris van de commissie.