Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.

Artikel 6.1

Herijking reserves

Onderdeel van Nota reserves en voorzieningen gemeente Ermelo 2013

Ermelo beschikt over een aantal (bestemmings-)reserves en voorzieningen. De raad heeft deze middelen destijds afgezonderd met een bepaalde bedoeling en daarmee een bestemming gegeven. In bijlage 7 is een overzicht opgenomen van de huidige in Ermelo van toepassing zijnde reserves en voorzieningen. Kortheidshalve wordt daar naar verwezen. Het reserve- en voorzieningenbeleid is geen op zichzelf staand beleid, het moet passen binnen het algemeen financieel beleid dat het maken van integrale beleidsafwegingen bevordert. Het is uiteraard aan de raad om hierover een oordeel uit te spreken. Om een integrale afstemming duidelijker te maken is het beter om het aantal reserves en voorzieningen zo beperkt mogelijk te houden. In het kader van deze nota zijn dan ook alle bestaande reserves maar ook de voorzieningen onder de loep genomen. Allereerst zijn deze getoetst aan het wettelijk kader. Vervolgens zijn deze getoetst aan de in de voorgaande hoofdstukken verwoorde visie. Dit heeft geleid tot de volgende voorstellen: Algemene reserve Voorgesteld wordt om één algemene reserve in te stellen welke dient ter vervanging van de volgende reserves: Bufferreserve: in de huidige opzet valt de bufferreserve onder de bestemmingsreserves, terwijl zij eigenlijk het karakter heeft van een algemene reserve. Voorgesteld wordt deze reserve op te heffen en het saldo toe te voegen aan de algemene reserve. De functie van de bufferreserve wordt overgenomen door de algemene reserve. Voor calamiteiten, schadevergoeding e.d. kan de raad voorts gebruik maken van het al eerder genoemde reparatiebesluit. Incidentele dekkingsmiddelen en structurele dekkingsmiddelen: de algemene reserve is in de huidige opzet uit twee reserves samengesteld: de algemene reserve IDM en de algemene reserve SDM. Tot een aantal jaren terug gebruikte de gemeente Ermelo de reserve SDM als structurele inkomstenbron door de bespaarde rente over de reserve in te zetten ten gunste van de exploitatie. De reserve incidentele dekkingsmiddelen werd gebruikt voor het dekken van incidentele tegenvallers waarvoor binnen de exploitatie geen dekking was. Door de beëindiging van de systematiek van bespaarde rente heeft dit onderscheid geen zin meer (zie nota “Rentebeleid 2012”). Derhalve wordt voorgesteld om beide reserves op te heffen en de saldi toe te voegen aan de algemene reserve. Bestemmingsreserves Voorgesteld wordt om de volgende bestemmingsreserves op te heffen en het saldo daarvan toe te voegen aan de algemene reserve: Bestemmingsreserve gladheidbestrijding: doel van deze reserve is een egalisatie van de lasten van gladheidbestrijding. Voeding vindt plaats uit een positief saldo van het product gladheidbestrijding, middelen worden onttrokken aan deze reserve bij een negatief saldo. Deze reserve heeft zijn egalisatiefunctie verloren doordat een negatieve stand van de reserve, ook bij voldoende aanvullingen in volgende jaren, niet langer is toegestaan. De reserve wordt dan ook nauwelijks nog gebruikt en kan worden opgeheven. Een eventueel tekort op het product gladheidbestrijding zal worden verwerkt via het rekeningsaldo of bij een calamiteit (zeer strenge winter) worden onttrokken aan de algemene reserve. Bestemmingsreserve opdrachten beeldende kunst: doel van deze reserve is het op bepaalde momenten kunnen aanschaffen van kunst c.q. verdelen van opdrachten hiertoe dan wel het vergroten van de mogelijkheden om kennis te maken met beeldende kunst in de openbare ruimte. Bij raadsbesluit van juni 2011 is de jaarlijkse voeding aan de reserve uit bezuinigingsoverwegingen geschrapt. Er wordt slechts beperkt gebruik gemaakt van deze reserve. Bestemmingsreserve btw-compensatiefonds: de reserve is ingesteld ter gewenning aan het budgettaire nadeel ten gevolge van de invoering van het btw-compensatiefonds per 1 januari 2003. Inmiddels loopt het BCF al geruime tijd waarmee ook deze reserve haar nut verliest. In het regeerakkoord Rutte II is voorts aangekondigd dat het BCF wordt opgeheven. De beschikking 2014 zal nog via de algemene reserve verlopen. Bestemmingsreserve afkoop onderhoud groen: van Woningstichting UWOON is in 2010 € 165.000,00 ontvangen in verband met afkoop "bovennormaal" onderhoud groen ten behoeve van het terrein van Sonneheerdt. Vanaf 2011 wordt ieder jaar 1/20 gedeelte van de storting ten gunste van de exploitatie gebracht (€ 8.300,00 per jaar). Door het opheffen van deze reserve vervalt dit en vindt de budgettaire afwikkeling voortaan plaats ten laste van de stelpost volumeontwikkeling. Bestemmingsreserve wijken en platforms: doel van deze reserve was om gelden welke jaarlijks voor de wijkplatforms beschikbaar zijn gesteld te reserveren zodat gespaard kan worden voor grotere projecten. Door het opheffen van de wijkplatforms heeft deze reserve haar bestemming verloren. Bestemmingsreserve onderwijshuisvesting: voordelen binnen het programma onderwijs werden soms in deze reserve ondergebracht. Met deze beschikbare middelen kon het afboeken van diverse boekwaarden en tekorten worden gefinancierd in het kader van de verbouw en nieuwbouw van diverse onderwijsgebouwen. Er is geen bestedingsplan, onttrekkingen worden bij afzonderlijk besluit bepaald. Gelet op het ontbreken van verdere claims op deze reserve wordt voorgesteld deze op te heffen. Bestemmingsreserve mantelzorgondersteuning: de reserve is ingesteld ter afstemming van de regionale uitwerking van projecten en lokale beleidsontwikkeling. In 2008 is eenmalig € 66.000,00 toegevoegd aan de reserve. Er worden nauwelijks nog gelden ontrokken. Een nader bestedingsplan ontbreekt. Bestemmingsreserve monumentenbeleid: de reserve is ingesteld om grotere onderhouds- en/of restauratiewerkzaamheden van gemeentelijke monumenten mogelijk te maken (spaarmogelijkheid). Er worden nauwelijks nog gelden toegevoegd of onttrokken. De reserve kan derhalve worden opgeheven. Het saldo waarmee het jaarlijks beschikbare budget is overschreden loopt eventueel via het rekeningssaldo. Bestemmingsreserve belegging NUON gelden 2009: de opbrengst van de eerste tranche van de verkochte aandelen NUON (2009) is belegd in deposito’s om zodoende de weggevallen dividendopbrengst te compenseren. Het doel van deze bestemmingsreserve is om de opbrengst 2009 te reserveren tot het moment dat deze belegging afloopt. Het is echter niet noodzakelijk om hiervoor een aparte bestemmingsreserve aan te houden. Dat deze gelden in feite belegd zijn is meer een financieringsvraagstuk. Zolang er voor deze gelden geen bestemming is vastgesteld maken zij deel uit van de algemene reserve.

Rechtspraak bij dit artikel