Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 13.

De hoofdtaken van de gemeentesecretaris zijn:

Onderdeel van Organisatiebesluit 2009

De hoofdtaken van de gemeentesecretaris zijn: 1.als secretaris van het college van ben w staat de gemeentesecretaris het college, de burgemeester en de door hen ingestelde commissies terzijde bij de uitoefening van hun taak hij verschaft hen alle nodige informatie, advies en bijstand als hoofd/algemeen directeur geeft hij leiding aan en is eindverantwoordelijk voor de ambtelijke organisatie in beide hoedanigheden is hij de eerste schakel tussen bestuur en ambtelijke organisatie en namens het college is hij bestuurder in de zin van de Wet op de ondernemingsraden (WOR) Met inachtneming van de verantwoordelijkheden van de bestuurlijke verantwoordelijkheden van het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester heeft de gemeentesecretaris als hoofd van dienst de verantwoordelijkheid voor: de leiding en het algemeen beheer van de ambtelijke organisatie de kwaliteit (doelmatigheid en doeltreffendheid) van het functioneren van de ambtelijke organisatie het tot stand komen en actueel houden van een strategische visie het ontwikkelen en gecoördineerd uitvoeren van het beleid, de producten en diensten met inzet van de daartoe benodigde middelen, zoals afgesproken met het college op basis van de jaarlijkse begroting en de uitwerking daarvan in de eveneens jaarlijkse werkplannen voor de organisatie de correcte uitvoering van het middelenbeleid en inzet van de ter beschikking gestelde middelen het tijdig en compleet aanleveren van managementrapportages (maraps), bestuursrapportages (beraps), nota meerjarenbeleid, meerjarenbegroting en jaarrekening de kwaliteit (leesbaarheid, tijdigheid en compleetheid) van de aan het bestuur gerichte adviezen en voorstellen de tijdige en juiste uitvoering van besluiten van de gemeenteraad, commissies, burgemeester en wethouders en de burgemeester de nadere uitwerking van de ambtelijke mandatering (mandatenlijst) het op doelmatige wijze terzijde staan van de bestuursorganen door het ambtelijk apparaat en het bevorderen van een goede afstemming van de te behandelen zaken tussen het college van burgemeester en wethouders en de portefeuillehouders enerzijds en afdelingshoofden anderzijds, alsmede tussen de afdelingen onderling en het signaleren van ontwikkelingen in bestuur, organisatie en beleid, die een bestuurlijke interventie vragen.

Rechtspraak bij dit artikel