In deze verordening wordt verstaan onder:
a.
de wet:
de Archiefwet 1995
b.
het besluit:
het Archiefbesluit 1995
c.
archiefbescheiden:
documenten overeenkomstig het gestelde in artikel 1, onder c, van de Archiefwet 1995
d.
documentaire verzamelingen:
bronnen, bijeengebracht wegens hun informatiewaarde als aanvulling op de beheerde archiefbescheiden
e.
gemeentelijke organen:
de overheidsorganen, bedoeld in artikel 1, onder b, van de Archiefwet 1995
f.
archiefbewaarplaats:
de door burgemeester en wethouders overeenkomstig artikel 31 van de Archiefwet 1995 aangewezen archiefbewaarplaats
g.
archiefruimte:
de ruimte, bestemd of aangewezen voor de bewaring van archiefbescheiden in afwachting van hun overbrenging ingevolge artikel 12, eerste lid of artikel 13, eerste lid van de Archiefwet 1995
h.
archivaris:
de door burgemeester en wethouders overeenkomstig artikel 32, derde lid van de Archiefwet 1995 benoemde gemeentearchivaris
i.
beheerder:
de directeur van een gemeentelijke dienst die als hoofd van een beheerseenheid ingevolge artikel 3 van deze verordening verantwoordelijk is voor het beheer van de archiefbescheiden van de gemeentelijke organen en diensten die niet zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats
j.
beheerseenheid:
een door burgemeester en wethouders aangewezen of aan te wijzen gemeentelijke dienst
k.
informatiesysteem:
systeem van documentatie, procedures, apparatuur en programmatuur, met behulp waarvan archiefbescheiden kunnen worden vervaardigd, bewerkt, verzonden, ontvangen, geraadpleegd en beheerd
l.
ordeningssysteem:
systeem van ordening van archiefbescheiden of archiefbestanddelen binnen een (deel van een) archief