**1..** Om personen behorend tot de doelgroep als benoemd in artikel 1, lid 1 van deze verordening te kunnen laten werken cq participeren naar vermogen, brengt het College, middels inzet van diagnostische voorzieningen, het arbeidsvermogen, de zelfredzaamheid en de begeleidingsbehoefte in beeld. Op basis van de resultaten van de diagnose wordt adequate inzet van voorzieningen beoordeeld en worden de beschikbare middelen efficiënt ingezet.
**2..** Wanneer uit de diagnose blijkt dat de persoon geen ondersteuning nodig heeft vanwege het feit dat hij/zij direct bemiddelbaar is, worden geen voorzieningen ingezet.
**3..** Personen worden ingedeeld in de volgende categorieën arbeidsvermogen:
80 t/m 100% arbeidsvermogen
50 tot 80% arbeidsvermogen
30 tot 50% arbeidsvermogen
1 tot 30% arbeidsvermogen
Geen arbeidsvermogen
**4..** Voor de bepaling van het arbeidsvermogen en de vaststelling van de loonwaarde in het kader van de loonkostensubsidie wordt aansluiting gezocht bij de methodiek die in de arbeidsmarktregio Zuid-Limburg wordt gekozen.
**5..** Het College heeft de beschikking over de volgende diagnostische voorzieningen:
quickscan;
praktijkdiagnose, welke in een reële werkomgeving plaatsvindt;
medische en arbeidsdeskundige diagnostiek;
aanvullende diagnostiek;
indicaties voor specifieke voorzieningen;
loonwaardebepaling ten behoeve van de loonkostensubsidie middels het in de arbeidsmarktregio Zuid-Limburg gekozen instrument/methodiek.
Hoofdstuk 2 › § 2
Artikel 6
Diagnose
Onderdeel van Verordening re-integratie, participatie en tegenprestatie Participatiewet Maastricht-Heuvelland 2016 e.v.