Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.1

Vervoersvoorziening

Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning Purmerend 2016

1.. De door het college te verlenen vervoersvoorziening kunnen bestaan uit: een collectief systeem van aanvullend vervoer; een open buitenwagen (scootmobiel); een gesloten buitenwagen; een andere speciaal voor de doelgroep bedoelde vervoersvoorziening; een aanpassing aan een motorvoertuig. 2.. De ouders en/of de partners en/of de kinderen tot en met 12 jaar, die woonachtig zijn op hetzelfde adres, kunnen tegen een gelijk gereduceerd tarief met de aanvrager meereizen in het collectief systeem van aanvullend vervoer. 3.. De begeleider van de persoon die recht heeft op de voorziening als bedoeld in artikel 5.1, lid 1 onderdeel a, kan gratis meereizen in het collectief systeem van aanvullend vervoer indien de bedoelde persoon zonder die begeleiding niet kan reizen of zich op de plaats van bestemming niet zelfstandig kan verplaatsen. 4.. Wijze van verstrekken van de vervoersvoorzieningen: De voorziening genoemd in lid 1, onderdeel a, wordt in natura verstrekt. De voorzieningen genoemd in lid 1, onderdelen b, c, d en e worden in natura of in de vorm van een Pgb verstrekt. 5.. De voorziening in natura of het maximale Pgb bedrag voor autoaanpassingen, waar een eigen bijdrage voor is verschuldigd wordt vastgesteld als tegenwaarde van het bedrag zoals vermeld in de door het college goedgekeurde offerte. 6.. Het Pgb voor de autoaanpassing bedraagt maximaal € 2.191,- indien de persoon met beperkingen geïndiceerd is voor het collectieve vervoersvoorziening maar niet in aanmerking wil komen voor de collectieve voorziening. Deze autoaanpassing kan alleen verstrekt worden in plaats van het collectief vervoer als deze voor een periode van minimaal 5 jaar adequaat geacht wordt. Voor deze vorm van Pgb is geen eigen bijdrage verschuldigd. 7.. De vergoeding bedoeld in lid 6 is een gemaximeerde vergoeding en wordt niet vaker dan eens per vijf jaar verstrekt. Het bedrag geldt tevens als bijdrage voor het onderhoud en de reparatie van de verstrekte autoaanpassing. Gedurende deze periode van 5 jaar bestaat geen recht op het AOV, tenzij de aanvrager de autoaanpassing naar rato terugbetaalt aan de gemeente. 8.. Indien op grond van lid 6 een Pgb voor autoaanpassing wordt toegekend kan in aanvulling daarop geen ondersteuning voor gebruik van de eigen auto of (rolstoel)taxi worden verstrekt. 9.. In uitzondering op lid 1, geldt voor cliënten die een financiële tegemoetkoming voor een vervoersvoorziening hebben toegewezen gekregen vóór 1 januari 2015 het recht op financiële tegemoetkoming bestaan. De betreffende bedragen voor deze cliënten zijn opgenomen in de bijlage Vergoedingenlijst Pgb’s 2016.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel