Uitvoering van de Bibob-toets vindt in beginsel plaats bij elke aanvraag voor een beschikking als bedoeld in:
artikel 3 Drank & Horecawet;(Drank & Horecavergunning);Paracommerciële horeca-inrichtingen als bedoeld in artikel 4 van de Drank & Horecawet (zoals dorpshuis, buurthuis, clubhuis of kantine van een sportvereniging) waarvan de horeca in eigen beheer is en niet is verpacht, vallen in beginsel niet onder dit Bibob-beleid);
artikel 3:4 van de Algemene Plaatselijke Verordening Hof van Twente (seksinrichting, escortbedrijf);
artikel 2:39 van de Algemene Plaatselijke Verordening Hof van Twente (speelautomatenhal);
artikel 2:76a van de Algemene Plaatselijke Verordening Hof van Twente (exploitatievergunning voor smartshop, growshop, headshop).
Uitvoering van de Bibob-toets vindt bij onderstaande aanvragen voor een beschikking in beginsel plaats als zij vallen onder de daartoe aangewezen branche en/ of gebied en de daarbij geldende risico-indicatoren:
De aanvraag als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a en c van de Wet Algemene bepalingen omgevingsrecht.
De toepassing blijft beperkt tot de aanvragen die zien op de realisatie dan wel renovatie van de inrichtingen zoals genoemd in artikel 2.1 a tot en met d van dit beleid.
De Bibob-toets zal niet worden toegepast, ingeval de aanvraag afkomstig is van:
Overheidsinstanties;
Semi-overheidsinstanties;
Toegelaten woning(bouw)corporaties; (toegelaten door de Minister van
Volkshuisvesting conform Woningbesluit 1932 middels een daartoe
verstrekte vergunning).
Door het College van B&W bij (specifiek) besluit aangewezen aanvragers (b.v. PPS constructies van particuliere ondernemingen en overheid).
De aanvraag als bedoeld in artikel 2:25 van de Algemene Plaatselijke Verordening Hof van Twente; (evenementenvergunning);
De toepassing van de Bibob-toets zal daarbij beperkt blijven tot de bij afzonderlijk besluit van de burgemeester aangewezen evenementenvergunningen.
Uitvoering van de Bibob-toets vindt bij onderstaande aanvragen voor een beschikking in beginsel plaats, als er sprake is van ambtelijke informatie en/of informatie afkomstig van een van de partners uit het samenwerkingsverband RIEC, die een aanleiding vormen om te vermoeden dat de beschikking zal worden gebruikt als bedoeld in artikel 3 van de wet:
De aanvraag als bedoeld in artikel 30a Drank- en horecawet;
De aanvraag als bedoeld in artikel 3 van de Drank- en horecawet, in het geval het een horecabedrijf betreft, als bedoeld in artikel 4 van de Drank- en horecawet (paracommerciële instelling).