1. De aanvraag zoals bedoeld in artikel 1 lid 1 moet schriftelijk
plaatsvinden. Hiertoe wordt een vastgesteld aanvraagformulier
beschikbaar gesteld.
2. In afwijking van het gestelde in lid 1 kan een aanspraak op grond van
de Participatiewet, indien een schriftelijke aanvraag niet mogelijk is,
ambtshalve worden vastgesteld.
3. Het college beoordeelt de aanvraag op basis van het in artikel 5
omschreven onderzoek.
4. Het besluit op de aanvraag is zo nodig afgestemd op de domeinen
jeugdhulp, onderwijs, zorg, maatschappelijke ondersteuning, werk en
inkomen en politie en justitie.