**1..** Een aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 18 moet schriftelijk worden ingediend bij het college. Bij het indienen van de aanvraag moet de aanvrager gebruik maken van de door of namens het college vastgestelde formulieren. Het bepaalde in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing.
**2..** Indien de aanvraag in behandeling wordt genomen, publiceert het college de aanvraag op de gebruikelijke wijze en legt deze voor een ieder ter inzage. Belanghebbenden kunnen binnen een termijn van veertien dagen zienswijzen indienen met betrekking tot de aanvraag om vergunning.
**3..** Indien de werkzaamheden waarvoor de aanvraag wordt ingediend, het geheel afbreken van het beschermde beeldbepalende pand betreffen, wordt de aanvraag tevens gezien als een verzoek tot intrekking van de aanwijzing.
**4..** Het college zendt onmiddellijk een afschrift van de ontvankelijke aanvraag om vergunning om advies aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit.
**5..** De Commissie Ruimtelijke Kwaliteit adviseert schriftelijk over de aanvraag binnen twee maanden na de datum van verzending van het afschrift.
**6..** Indien de werkzaamheden waarvoor de aanvraag wordt ingediend, het geheel afbreken van het beschermde beeldbepalende pand betreffen, adviseert de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit over de aanvraag over de intrekking van de aanwijzing.
**7..** Binnen twaalf weken na ontvangst van de aanvraag neemt het college een beslissing. Het bepaalde in artikel 4:15 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing.
**8..** Indien het college besluit tot het al dan niet verlenen van de vergunning die het geheel afbreken van het beschermde beeldbepalende pand betreffen, heeft hij daarmee tevens besloten tot het al dan niet intrekken van de aanwijzing als beschermd beeldbepalend pand.