Indien geen van de leden van het college bij het nemen van een
besluit stemming vraagt, wordt het voorstel geacht te zijn
aangenomen tenzij het college niet conform het voorstel
besluit.
Indien een lid van het college bij het nemen van een besluit
stemming vraagt, wordt mondeling gestemd, tenzij het derde lid wordt
toegepast.
Stemming over personen.
Indien een lid van het college dat verlangt, wordt bij het
nemen van een besluit over een benoeming, voordracht of
aanbeveling van personen gestemd bij gesloten en ongetekende
briefjes.
Indien daarbij de stemming beperkt is tot een persoon en de
stemmen staken, wordt tot een tweede stemming overgegaan
nadat het voorstel opnieuw aan de orde is gesteld. Waneer
ook bij deze tweede stemming de stemmen staken, beslist de
voorzitter.
Indien in de overige gevallen bij een eerste stemming door
niemand de volstrekte meerderheid is verkregen, heeft een
tweede stemming plaats tussen de twee personen die bij de
eerste stemming de meeste stemmen op zich hebben verenigd.
Zijn bij die eerste stemming de meeste stemmen over meer dan
twee personen verdeeld, dan wordt bij een tussenstemming
uitgemaakt tussen welke twee personen de tweede stemming zal
plaatshebben. Indien bij de tussenstemming of bij de tweede
stemming de stemmen staken, beslist de voorzitter.
Artikel 7
Stemmingen
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van het college