Voorliggende voorzieningen zijn voorzieningen op grond van een andere wet die de verstrekking van een maatwerkvoorziening uitsluiten. Een voorliggende voorziening gaat voor op verstrekking van een maatwerkvoorziening voor zover deze voorliggende voorziening een passende en toereikende oplossing biedt.
Bij voorliggende voorzieningen kan onder andere gedacht worden aan:
Zittend ziekenvervoer op grond van de Zorgverzekeringswet;
Hulpmiddelen op grond van de Zorgverzekeringswet;
Verblijfsindicatie op grond van de Wet Langdurige Zorg
Er moet in elke individuele situatie worden beoordeeld of de voorliggende voorziening toereikend en passend is. Is dat niet of deels het geval, dan wordt gekeken naar een andere oplossing. Indien de cliënt geen gebruik wenst te maken van een voorliggende voorziening, kan dat niet tot het verstrekken van een maatwerkvoorziening leiden. Of de cliënt dan daadwerkelijk de betreffende voorliggende voorziening zal gaan gebruiken behoort tot de eigen verantwoordelijkheid van de cliënt.
Verblijfsindicatie op grond van de Wet Langdurige zorg
Het college mag een maatwerkvoorziening weigeren indien de cliënt een aanspraak heeft op verblijf en daarmee samenhangende zorg ingevolge de Wet langdurige zorg. Het is zelfs mogelijk te weigeren indien er redenen zijn om aan te nemen dat de cliënt daarop aanspraak kan doen gelden en weigert mee te werken aan het verkrijgen van een besluit dienaangaande (artikel 2.3.5 lid 6 van de wet).
Uitzonderingen
Er zijn twee uitzonderingen op deze regel:
De hoofdregel geldt niet voor cliënten met een laag zorgzwaartepakket (zzp), die op de dag voorafgaande aan de inwerkingtreding van de Wlz nog niet in een instelling verblijven.
De hoofdregel geldt tot een nader vast te stellen tijdstip niet voor cliënten met een (mogelijke) aanspraak op verblijf die:
thuis wonen en een maatwerkvoorziening inhoudende een hulpmiddel of een woningaanpassing hebben aangevraagd;
zonder behandeling in een instelling verblijven en een maatwerkvoorziening inhoudende een hulpmiddel ter verbetering van hun mobiliteit hebben aangevraagd
HOOFDSTUK 3.
Artikel 3.1.7.
Voorliggende voorzieningen op grond van andere wet- of regelgeving
Onderdeel van Besluit nadere regels maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2016