Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Energiemaatregelen

Onderdeel van Regeling energiebesparing bestaande eigen woningen 2009

1.. Tot de energiemaatregelen worden gerekend: Isolatiemaatregelen Kruipruimte isolatie met Drowa chips of met een vergelijkbaar product; Vloerisolatie met een R-waarde, die groter is dan of gelijk aan 2,50 m2.K/W; Gevelisolatie met een R-waarde, die groter is dan of gelijk aan 2,50 m2.K/W; Spouwmuurisolatie met een R-waarde, die groter is dan of gelijk aan 1,3 m2.K/W; Dakisolatie met een R-waarde, die groter is dan of gelijk aan 2,50 m2.K/W; Leidingisolatie; Isolerende HR++ beglazing met Ugl-waarde die kleiner is dan of gelijk aan 1,20 W/m2.K; Draaiend raam met thermische onderbreking, die samen met de beglazing een Uw-waarde (Uraam) heeft, die kleiner is dan of gelijk aan 1,70 W/m2.K; Geïsoleerde buitendeur met een U-waarde die kleiner is dan of gelijk aan 2,0 W/m2.K; Installatietechnische maatregelen Thermostatische mengkraan voor de douche; Installatietechnische voorzieningen om warmte uit douchewater terug te winnen; Installatie voor het terugwinnen van warmte uit ruimteventilatielucht, inclusief het daarbij behorende kanaalwerk en de luchtbehandelingkast, met een energetisch rendement van ten minste 80%; Vraaggestuurd ventilatiesysteem met CO2- of vochtsensoren; Zelfregulerend ventilatierooster; Warmtepompboiler voor het verwarmen van tapwater, bestaande uit een warmtepomp die warmte onttrekt aan ventilatielucht en een warmteopslagvat; Elektrische warmtepomp voor ruimteverwarming, die is gekoppeld aan een centraal verwarmingssysteem dat geschikt is voor een aanvoertemperatuur (Taanvoer) van maximaal 55° C; Gaswarmtepomp voor ruimteverwarming, die is gekoppeld aan een centraal verwarmingssysteem dat geschikt is voor een aanvoertemperatuur (Taanvoer) van maximaal 55° C; Micro-warmtekrachtsysteem (HRe-ketel); Brandstofcel Cv-ketel; Lage-temperatuur centraal verwarmingsysteem (LTV-systeem) waarvan de ontwerp-aanvoertemperatuur (Taanvoer) maximaal 55° C bedraagt; Voorzieningen voor het opwekken of toepassen van duurzame energie Zonneboiler voor het verwarmen van tapwater met behulp van zonlicht, bestaande uit één of meerdere zonnecollectoren en een warmteopslagvat; Combizonneboiler voor het verwarmen van tapwater en voor ruimteverwarming met behulp van zonlicht, bestaande uit één of meerdere zonnecollectoren en een warmteopslagvat met een al dan niet geïntegreerde Cv-brander; Kleine windturbine die geschikt is voor de stedelijke omgeving en de daarbij behorende spanningsomvormer; Pelletkachel; Pelletketel. 2.. Het college kan de in het eerste lid vermelde lijst van energiemaatregelen uitbreiden. 3.. Tot de energiemaatregelen worden in ieder geval niet gerekend: Beglazing met Ugl-waarde die groter is dan 1,20 W/m2.K; Ramen, deuren en kozijnen, behoudens de maatregelen genoemd in lid 1 onder g), h) en i) Gevel-, dak- of vloerisolatie met een R-waarde die kleiner is dan 2,50 m2.K/W; Spouwmuurisolatie met een R-waarde, kleiner dan 1,3 m2.K/W; Draaiend raam met thermische onderbreking die samen met de beglazing een Uw-waarde (Uraam) heeft die groter is dan 1,70 W/m2.K; Geïsoleerde buitendeur met een U-waarde die groter is dan 2,0 W/m2.K; Mechanische ventilatie; Spaarlampen, LED- en TL-verlichting; Glazen vliesgevels; Verbeteren luchtdichtheid; Kierdichting; Opheffen koudebruggen; PV-installatie.

Rechtspraak bij dit artikel