De belasting wordt niet geheven voor honden:
die jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij te samen met de moederhond worden gehouden;
die uitsluitend dienen om blinde personen te leiden;
waarvan de houder in het bezit is van een geldend diploma van het hoofdcomité van het Nederlandse Rode Kruis of van De Nederlandse Vereniging van Rodekruishonden;
die door geaccrediteerde leden (full-members) van Assistance Dogs Europe (ADEu) als gehandicaptenhond aan een gehandicapte ter beschikking zijn gesteld;
die verblijven in een hondenasiel als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van het Honden- en kattenbesluit 1999, welk asiel is opgenomen in het centraal register bedoeld in artikel 5, tweede lid, van genoemd besluit;
waarvan de houder zich in de loop van het belastingjaar in de gemeente heeft gevestigd, doch slechts voor het tijdvak van het lopende belastingjaar, waarover voor deze hond(-en) elders belasting is betaald of verschuldigd is en geen recht op ontheffing of vermindering van die elders betaalde belasting bestaat;
die in het kader van een opleiding tot blindengeleidehond door het Koninklijk
Nederlands Geleidehonden Fonds, worden gehouden door een pleeggezin;
die in het kader van een opleiding door het Nederlandse Rode Kruis of de Nederlandse Vereniging van Rodekruishonden worden gehouden door een pleeggezin;
die in het kader van een opleiding van geaccrediteerde leden (full-members) van Assistance Dogs Europe (ADEu) tot gehandicaptenhond, worden gehouden door een pleeggezin.
Artikel 7.
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van de hondenbelasting 2016