Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Participatieverordening gemeente Smallingerland 2016

Opdracht aan het college Het college doet, voor zover het college dat noodzakelijk acht, belanghebbenden alsmede aan personen als bedoeld in artikel 10 , tweede lid van de wet, een aanbod voor ondersteuning bij participatie dat in overeenstemming is met de bepalingen van deze verordening en de op deze verordening gebaseerde beleidsregels. Bij de keuze van de mogelijkheden van ondersteuning wordt door het college een afweging gemaakt, waarbij gekeken wordt of de ondersteuning, gelet op de mogelijk-heden en capaciteiten van de belanghebbende, het meest doelmatig is met het oog op de participatie. Het college draagt zorg voor een voldoende gevarieerd aanbod van voorzieningen. Bij het aanbieden van ondersteuning als bedoeld in lid 1 van dit artikel heeft het college aandacht voor een evenwichtige aanpak van groepen belanghebbenden als bedoeld in artikel 7, lid 1, onder a, van de wet. Binnen de primaire doelgroepen van de wet kan het college extra aandacht geven aan specifieke categorieën belanghebbenden. Het college kan tijdelijk afzien van het aanbieden van ondersteuning als bedoeld in lid 1 van dit artikel , wanneer daar in individuele gevallen dringende redenen voor zijn. Het college besteedt in ieder geval aandacht aan de afstand tot de arbeidsmarkt en de wijze waarop rekening wordt gehouden met de zorgtaken , waaronder begrepen de opvang van ten laste komende kinderen tot 5 jaar en het noodzakelijkerwijs verrichten van mantelzorg. Het college kan , bij het bepalen van de wijze waarop de ondersteuning wordt vormgegeven prioriteiten stellen in verband met de financiële mogelijkheden en maatschappelijke , economische en conjuncturele ontwikkelingen Ter uitvoering van de zorgplicht als bedoeld in lid 1 van dit artikel stelt het college jaarlijks een nota op waarin op basis van het beschikbare budget wordt aangeven op welke wijze het komende jaar wordt voorzien in de ondersteuning bij participatie voor de doelgroep van de wet . Het college zendt eenmaal per jaar aan de gemeenteraad een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van het beleid. De nota als bedoeld in lid 7 van dit artikel alsmede het verslag als bedoeld in lid 8 van dit artikel bevat de mening van de Cliëntenraad. Het college kan, voor zover het college dat noodzakelijk acht, een voorziening als bedoeld in deze verordening aanbieden aan personen aan wie het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een uitkering verstrekt indien het college en het Uitvoerings-instituut werknemersverzekeringen daarover een overeenkomst hebben gesloten. Het college kan , voor zover het college dat noodzakelijk acht , een voorziening als bedoeld in deze verordening aanbieden aan personen die behoren tot de doelgroep als beschreven in artikel 1, sub 1, 2 en 3 van de Wet Participatiebudget.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel