Gelet op de artikelen 3 en 4 zal toekenning nader getoetst worden aan de volgende criteria:
om welke activiteiten gaat het en op welke wijze heeft de kandidaat zich ingezet?;
de duur (tijdsperiode) en intensiteit (hoeveel uren per week of per maand zijn of worden besteed aan de activiteit(en));
de actuele maatschappelijke waarde (zijn de activiteiten gericht op sectoren die op dit moment in de belangstelling staan?).
de maatschappelijke invloed (hoe ervaart de samenleving de activiteiten en wat is de uitstraling?);
wat is/was de mate van verantwoordelijkheid?;
hoe groot is/zijn de organisatie(s) waarin de kandidaat actief is of actief is geweest?;
worden de activiteiten buiten de werkkring betaald?