Naar hoofdinhoud
Verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken* Het is verboden in de openlucht afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen in de zin van de Wet milieubeheer of anderszins vuur aan te leggen, te stoken of te hebben. Het college kan van dit verbod ontheffing verlenen. De ontheffing kan worden geweigerd: in het belang van de openbare orde en veiligheid; ter bescherming van de woon- en leefomgeving; ter bescherming van de flora en de fauna; Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor zover: op de Wet milieubeheer gebaseerde voorschriften van toepassing zijn; de Omgevingsverordening Gelderland hierover een regeling bevat; artikel 429, aanhef en onder 1 of 3, Wetboek van strafrecht van toepassing is; of het betreft verlichting door middel van kaarsen, fakkels en dergelijke, sfeervuren zoals terrashaarden, vuurkorven indien geen afvalstoffen worden verbrand en dergelijk vuur voor koken, bakken en braden, als dat geen gevaar, overlast of hinder oplevert voor de omgeving. Het in artikel 5:35, eerste lid, gestelde verbod geldt daarnaast niet voor zover het betreft: verbranding van snoeihout dat afkomstig is van landschappelijk onderhoud; verbranding van snoeihout dat overblijft na het rooien van bomen en struiken in het kader van landschappelijk onderhoud; verbranding van hout in geval van besmettelijke ziekten waardoor vervoer niet mogelijk is, zoals bacterievuur/perenvuur, iepeziekte, loodglans en fruitkanker; particuliere paasvurenmits voldaan wordt aan door het college vast te stellen nadere regels. 6.Op de ontheffing bedoeld in het derde lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. § Afdeling 9 Verstrooiing van as

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel