Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5 › Afdeling 3

Artikel 5:16

Intrekken standplaatsvergunning

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Geldrop-Mierlo 2016

1.. In afwijking van het bepaalde in artikel 1:6 wordt de vergunning ingetrokken: a.. indien de vergunninghouder zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog; b.. indien ter verkrijging van de vergunning onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt; c.. indien het college een besluit als bedoeld in artikel 5:17 heeft genomen om de standplaatslocatie op te heffen. 2.. De vergunning kan worden ingetrokken: a.. wanneer niet langer wordt voldaan aan de voor de vergunninghouder geldende wettelijke vestigingseisen; b.. indien de vergunninghouder in strijd handelt met het bepaalde bij of krachtens deze verordening; c.. indien de vergunninghouder, niet of niet tijdig de (financiële) rechten voldoet; d.. indien de vergunninghouder niet eenmaal in de 2 weken van de vergunning gebruik maakt, met uitzondering van een gebruikelijke vakantieperiode; e.. indien niet wordt voldaan aan de vereisten gesteld in de Warenwet of het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer op grond van de Wet Milieubeheer.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel