1.. De aanvraag om een subsidie wordt bij het college ingediend.

2.. Bij de aanvraag moet ten minste overgelegd worden:

  • - een gespecificeerde begroting van de kosten. In deze begroting moet duidelijk per aangevraagd onderdeel de materiaalkosten, de hoeveelheden en de te besteden arbeidsuren gespecificeerd zijn;
  • - een werkomschrijving;
  • - tekeningen, aangevende zowel de bestaande als de te maken toestand van het pand (schaal 1:100);
  • - de namen en adressen van de aannemers;
  • - een garantieverklaring van de betreffende aannemer en/of leverancier dat de werkzaamheden overeenkomstig de voorschriften van de Monumentenwet of van deze verordening of in het kader daarvan zijn opgelegd;
  • - een recentelijk door de provinciale Monumentenwacht of door een andere onafhankelijke deskundige opgesteld inspectierapport;
  • - de laatste taxatie van het betreffende pand in het kader van de onroerende-zaak belasting voorafgaand de aanvraag of bij ontbreken daarvan de taxatie van de waterschapsomslag;
  • - bij zakelijk gebruik van het pand het gedeelte zoals opgegeven en aanvaard is door de inspectie van de rijksbelastingen;
  • - een meerjarenoverzicht van de onderhoudskosten gedurende ten minste vier jaar.