Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4

Artikel 10

Artikel 10

Onderdeel van SUBSIDIEVERORDENING MONUMENTEN 1997

1.. De aanvraag om een subsidie wordt bij het college ingediend. 2.. Bij de aanvraag moet ten minste overgelegd worden: een gespecificeerde begroting van de kosten. In deze begroting moet duidelijk per aangevraagd onderdeel de materiaalkosten, de hoeveelheden en de te besteden arbeidsuren gespecificeerd zijn; een werkomschrijving; tekeningen, aangevende zowel de bestaande als de te maken toestand van het pand (schaal 1:100); de namen en adressen van de aannemers; een garantieverklaring van de betreffende aannemer en/of leverancier dat de werkzaamheden overeenkomstig de voorschriften van de Monumentenwet of van deze verordening of in het kader daarvan zijn opgelegd; een recentelijk door de provinciale Monumentenwacht of door een andere onafhankelijke deskundige opgesteld inspectierapport; de laatste taxatie van het betreffende pand in het kader van de onroerende-zaak belasting voorafgaand de aanvraag of bij ontbreken daarvan de taxatie van de waterschapsomslag; bij zakelijk gebruik van het pand het gedeelte zoals opgegeven en aanvaard is door de inspectie van de rijksbelastingen; een meerjarenoverzicht van de onderhoudskosten gedurende ten minste vier jaar.

Rechtspraak bij dit artikel