Onverminderd artikelen 3 en 4 van deze verordening bedraagt de toeslag
bedoeld in artikel 30, eerste lid, van de wet 5 procent van de
gehuwdennorm voor de jongere die als hoofdbewoner een woning bewoond
waaraan voor de jongere geen woonkosten verbonden zijn dan wel indien
geen woning bewoond wordt.
HOOFDSTUK 2
Artikel 5.
Toeslag woonsituatie
Onderdeel van Toeslagenverordening Wet investeren in jongeren