De vergunning kan worden ingetrokken of gewijzigd:
als onjuiste of onvolledige gegevens ter verkrijging van de
vergunning zijn verstrekt;
als van het verlenen van de vergunning, op grond van verandering van
inzichten of omstandigheden opgetreden na verlening, wijziging of
intrekking noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter
bescherming waarvan vergunning is vereist;
als aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen niet
zijn of worden nagekomen;
als van de vergunning geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin
gestelde termijn of indien deze termijn ontbreekt, binnen een
redelijke termijn.