Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Voorschriften

Onderdeel van Bomenverordening Hof van Twente 2015

1.. Aan de vergunning kan het voorschrift worden verbonden dat binnen een bepaalde termijn en overeenkomstig de door bevoegd gezag te geven aanwijzingen, moet worden herplant. 2.. In het voorschrift als bedoeld in het eerste lid, wordt telkens bepaald binnen welke termijn na de her-plant en op welke wijze niet aangeslagen her-plant moet worden vervangen. 3.. Als niet ter plaatse kan worden her-plant, kan aan een vergunning tot vellen het voorschrift worden verbonden dat een geldelijke bijdrage gestort moet worden in de gemeentelijke kas onder het product openbaar groen algemeen. 4.. Aan de vergunning kan het voorschrift worden verbonden dat pas tot vellen van een houtopstand op en bij werkzaamheden of andere ruimtelijke herinrichting of reconstructie mag worden overgegaan als andere vergunningen, ontheffingen, toestemmingen of ruimtelijke ordeningsprocedures onherroepelijk geworden zijn en de feitelijke en financiële voortgang van de werken voldoende gewaarborgd is. 5.. Aan de vergunning worden aanwijzingen verbonden voor de bescherming van nabijgelegen houtopstand en voorschriften voor de bescherming van in, op en rond de houtopstand voorkomende flora en fauna. 6.. Aan de vergunning kan het voorschrift worden verbonden tot het opstellen en overleggen van een bomen-effect-analyse (BEA) in geval van werkzaamheden nabij te behouden bomen.

Rechtspraak bij dit artikel