Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II › Paragraaf 2

Artikel 14

Hoorzitting

Onderdeel van Verordening behandeling bezwaarschriften 2009

1.. De kamervoorzitter, of namens hem de secretaris, bepaalt plaats en tijdstip van de hoorzitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te doen horen. 2.. Indien de commissie op grond van artikel 7:3 van de wet besluit van het horen af te zien doet de behandelend secretaris daarvan namens de commissie mededeling aan: de belanghebbenden, en het verwerend orgaan. 3.. Een hoorzitting van een meervoudige kamer wordt in beginsel gehouden door de kamervoorzitter en twee leden. Indien – naar het oordeel van de kamervoorzitter – daartoe aanleiding bestaat, geschiedt het horen door alleen de kamervoorzitter.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel