Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Het functioneringsgesprek

Onderdeel van Verordening Functioneringsgesprekken burgemeester en raad

1.. Het gesprek vindt plaats in beslotenheid. 2.. Tijdens het gesprek hebben zowel de leden van het presidium alsook de burgemeester de mogelijkheid hun mening over en ervaringen met de geagendeerde bespreekpunten nader toe te lichten. 3.. Uitgangspunt bij het gesprek gedurende de ambtstermijn is de profielschets waarop de burgemeester is benoemd. 4.. De volgende onderwerpen worden tijdens het gesprek besproken: het functioneren van de burgemeester als voorzitter van de raad en zijn rol in het presidium of overleg met de fracties en de fractievoorzitters; het functioneren van de burgemeester als voorzitter van het college; het beheer van de portefeuille van de burgemeester, met name de handhaving van de openbare orde en veiligheid; de burgemeester en zijn rol in het proces van het dualisme; de burgemeester als coördinator van beleid, kwaliteitsbewaker met toepassing van arti­kel 170 Gemeentewet; de burgemeester en zijn representatie van de gemeente, zijn contacten met de inwo­ners, organisaties en bedrijven; de burgemeester als vertegenwoordiger van de gemeente in andere bestuurlijke orga­nen en ambassadeur en gezicht van de gemeente in de regio, provincie, Rijk en Europa; de burgemeester en zijn contacten met de ambtenaren, met name de gemeentesecre­taris, de griffier en het management van de gemeentelijke organisa­tie; de burgemeester en zijn nevenfuncties en integriteit; de burgemeester en zijn, aan de profielschets gerelateerde, competenties; alle overige door de leden en de burgemeester ingebrachte bespreekpunten; de afspraken in het kader van het functioneren van de burgemeester die voor de toe­komst worden vastgelegd. 5.. In een tweede deel van het gesprek kan worden gesproken over de ontwikkelingen van de gemeente en de rol van de burgemeester daarin.

Rechtspraak bij dit artikel