**1.** Subsidiabele activiteiten
Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten als bedoeld in artikel 28 van de Algemene subsidieverordening provincie Utrecht voor de volgende activiteiten:
het uitvoeren van onderzoek, voor zover noodzakelijk ter voorbereiding of evaluatie van de uitvoering van één of meer van de overige te subsidiëren activiteiten;
het uitvoeren van specifieke maatregelen voor de verbetering van de kwaliteit van het leefgebied van soort(groep)en;
het afgraven en afvoeren van grond, humus of bagger;
het verwijderen of omvormen van ongewenste begroeiing waarbij voor de bestrijding van exoten in bos geldt dat de bedekking van de exoten gezamenlijk tenminste 50% moet zijn;
het aanleggen of herstellen van beplanting;
het plaatsen of verwijderen van stuwen, dammen, duikers en het uitvoeren van andere maatregelen die nodig zijn voor het wijzigen van de waterhuishouding;
het plaatsen of verwijderen van oeverbescherming;
het plaatsen of verwijderen van rasters;
het verwijderen van opstallen;
het herstellen of aanleggen van wegen en paden indien dit voor het natuurbeheer noodzakelijk is;
het aanleggen, herstellen of zichtbaar maken van kleinschalige natuurelementen en groene cultuurelementen in bos en natuurterrein voor zover dit projectmatig, dus niet op incidentele basis, wordt uitgevoerd;
het aanleggen van faunapassages, ecoducten en voorzieningen voor vismigratie;
het uitvoeren van beheermaatregelen in particuliere natuurbeschermingswetgebieden;
het uitvoeren van beheerexperimenten gedurende een periode van maximaal drie jaar.
**2.** Nadere criteria
De activiteiten, genoemd in het eerste lid, komen uitsluitend in aanmerking voor subsidie indien ze leiden tot:
het verbeteren van de natuurkwaliteit in de Ecologische Hoofdstructuur;
het verbeteren van de natuurkwaliteit buiten de Ecologische Hoofdstructuur, voor zover dit bijdraagt aan het duurzaam in stand houden van populaties van bedreigde inheemse soorten van een vastgestelde Rode Lijst of Oranje Lijst en opgenomen in het Uitwerkingsplan Leefgebiedenbenadering Provincie Utrecht (2009); of
het verbeteren van migratiemogelijkheden van soorten.
De subsidiabele activiteiten, genoemd in het eerste lid, voldoen in ieder geval aan de volgende criteria:
de activiteiten, genoemd in het eerste lid, onder a zijn noodzakelijk als voorbereiding voor de uitvoering van één of meer van de overige activiteiten;
het moet gaan om eenmalige activiteiten; beheermaatregelen komen niet voor subsidie in aanmerking, met uitzondering van de activiteiten, genoemd in het eerste lid, onder sub m en n;
aan de activiteiten, genoemd in het eerste lid, onder a, zijn concreet uitvoerbare maatregelen of projecten gekoppeld die minimaal 50% van de subsidie omvatten;
De subsidiabele activiteiten, genoemd in het eerste lid, maken zoveel mogelijk gebruik van c.q. dragen zoveel mogelijk bij aan onderstaande criteria:
duurzame en natuurlijke materialen gebruikt;
inheems en autochtoon plant- en zaaigoed en vastgestelde rassenlijsten;
cofinanciering vanuit het gebied;
gebiedsgericht werken;
integrale beleidsuitvoering op het gebied van natuur, bodem, water, landschap en ruimte;
de samenwerking tussen verschillende partijen en de gezamenlijke verantwoordelijkheid in het gebied;
het verbeteren van het leefgebied van een groep van soorten in plaats van één of enkele soorten.
**3.** Weigeringsgrond
Subsidie kan worden geweigerd indien voor de activiteiten reeds subsidie is verkregen op grond van het Subsidiestelsel Natuur en Landschap provincie Utrecht.
**4.** Hoogte subsidie
De subsidie bedraagt:
maximaal 95% van de subsidiabele kosten.
GS kunnen afwijken van het maximum percentage op grond van bestaande afspraken tussen partijen of als de aard of de doelstelling van zowel de werkzaamheden als de aanvrager een hogere eigen bijdrage van de aanvrager rechtvaardigt;
Tot de subsidiabele kosten behoren in ieder geval:
loonkosten eigen personeel of aan derden betaalde kosten voor voorbereiding (bijvoorbeeld voor opstellen projectplan, advies, vergunningen, bestek) tot een maximum van 15% van de projectkosten;
loonkosten eigen personeel of aan derden betaalde kosten voor directievoering en begeleiding ten behoeve van de gesubsidieerde activiteiten;
Naast de niet-subsidiabele kosten, zoals opgenomen in artikel 12 van de Asv, wordt in ieder geval geen subsidie verstrekt voor de volgende kosten:
kosten voor de aanleg van parkeergelegenheid;
de kosten voor de uitvoering van maatregelen in tuinen of (landgoed)parken, waaronder het baggeren van vijvers en waterpartijen daarin.
**5.** Subsidieontvangers
Subsidie kan worden verstrekt aan:
eigenaren en beheerders van landbouwgrond;
eigenaren en beheerders van natuurterrein, waaronder particuliere natuurbeheerders;
agrarische natuurverenigingen;
overheden;
stichtingen of verenigingen die blijkens de statuten actief zijn op het gebied van soortenbescherming of (agrarisch) natuurbeheer;
particulieren.
**6.** Aanvraag
De subsidieaanvraag kan gedurende het gehele jaar worden ingediend;
De aanvraag dient voorzien te zijn van een advies van het programmabureau van het gebied (zie bijlage 3) waarin de activiteiten plaatsvinden.
**7.** Verplichtingen subsidieontvanger
In aanvulling op de Asv geldt het volgende:
de gesubsidieerde activiteiten worden gedurende tenminste vijf jaar in stand gehouden;
afhankelijk van de grootte en complexiteit van het project neemt een medewerker van de subsidieverstrekker zitting in een begeleidingsgroep van het project.
**8.** Europese regelgeving en POP2 2007-2013
Aanvragen van landbouwondernemingen voor het uitvoeren van activiteiten genoemd in het eerste lid worden getoetst overeenkomstig de voorwaarden van de Catalogus Groene Blauwe Diensten.
Hoofdstuk
Artikel 2.2