**1.** Een bestemmingsplan kan alleen voorzien in een nieuw agrarisch bouwperceel als:
er sprake is van een volwaardig agrarisch bedrijf dat verplaatst wordt:
uit het Natuurnetwerk Nederland in de provincie; of
omdat de bestaande bedrijfsvoering aantoonbaar niet kan voldoen aan actuele wettelijke milieuhygiënische normen of omdat de bedrijfsvoering op de oorspronkelijke vestigingslocatie aantoonbaar ernstige overlast veroorzaakt, die niet op een andere manier kan worden tegengegaan; of
omdat een actuele stedelijke ontwikkeling, of aanleg van infrastructuur binnen de provincie Groningen, dan wel het Besluit externe veiligheid buisleidingen aan continuering van de bedrijfsvoering in de weg staat; of
op basis van een door Gedeputeerde Staten vastgestelde specifieke taakstelling tot inplaatsing van agrarische bedrijven; en
in de plantoelichting is gemotiveerd dat redelijkerwijs geen gebruik kan worden gemaakt van een bestaand agrarisch bouwperceel gelegen in de nabijheid van de bij het bedrijf in gebruik zijnde gronden; en
de maatwerk methode is toegepast onder begeleiding van een bij de provincie werkzame deskundige op het gebied van stedenbouw en landschapsarchitectuur.
**2.** Aan de omvang, situering, en vormgeving van het nieuwe agrarische bouwperceel bedoeld in het eerste lid moet een erfinrichtingsplan ten grondslag liggen, waarbij in ieder geval rekening is gehouden met achtereenvolgens:
de historisch gegroeide landschapsstructuur;
de afstand tot andere ruimtelijke elementen;
een evenwichtige ordening en in de omgeving passende maatvoering en vormgeving van de bedrijfsgebouwen;
het uitgangspunt dat voor de bedrijfsvoering ontsierende opstallen, met uitzondering van monumentale of karakteristieke gebouwen, op de verlaten bouwpercelen worden gesloopt
het woon- en leefklimaat van direct omwonenden; en,
de nachtelijke lichtuitstraling.
**3.** Het nieuwe agrarisch bouwperceel bedoeld in het eerste lid kan niet groter zijn dan 2 hectare.
**4.** In afwijking van het derde lid e kan een agrarisch bouwperceel een omvang hebben van maximaal 4 hectare, als Gedeputeerde Staten op grond van artikel 3.1, aanhef en onder b, van het Besluit omgevingsrecht voor de nieuwvestiging een omgevingsvergunning hebben verleend met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
Hoofdstuk
Artikel 2.26.2
Nieuwe agrarische bouwpercelen
Onderdeel van Omgevingsverordening Provincie Groningen 2016