**1.** Nadat Gedeputeerde Staten hebben ingestemd met het saneringsplan, wordt het feitelijke begin van de sanering ten minste tien dagen tevoren aan Gedeputeerde Staten gemeld.
**2.** Wanneer de sanering niet wordt begonnen op de overeenkomstig het eerste lid gemelde aanvangsdatum of de overeenkomstig dit lid aangepaste aanvangsdatum, wordt de nieuwe aanvangsdatum direct aan Gedeputeerde Staten gemeld.
**3.** Wanneer bij de sanering ontgraving van verontreinigde grond plaatsvindt, stelt de uitvoerder Gedeputeerde Staten ten minste twee werkdagen van te voren op de hoogte van de datum waarop de einddiepte bereikt zal worden en de datum waarop de ontgraving zal worden aangevuld.
**4.** De uitvoerder meldt de beëindiging van de sanering binnen een week na beëindiging van de werkzaamheden aan Gedeputeerde Staten.
**5.** Wanneer sprake is van een sanering waarbij Gedeputeerde Staten heeft ingestemd met een fasegewijze sanering, bedoeld in artikel 38, derde lid, van de Wet bodembescherming, wordt de beëindiging van iedere fase overeenkomstig het vierde lid gemeld.
**6.** Ontheffing van het in het eerste tot en met het vijfde lid van dit artikel is niet mogelijk.
Hoofdstuk
Artikel 5.10