Naar hoofdinhoud

Artikel 8.

Budget

Onderdeel van Verordening op de Rekenkamer Heusden 2016

1.. De Rekenkamer is bevoegd binnen een aan haar bij de begroting beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen ten behoeve van de uitvoering van haar taken. 2.. Uit het in het eerste lid bedoelde budget moeten in ieder geval worden bekostigd: a. de vergoedingen van de leden van de rekenkamerleden externe deskundigen die eventueel door de Rekenkamer zijn ingeschakeld eventuele overige uitgaven die de Rekenkamer nodig acht voor de uitoefeningen van haar taak. 3.. De Rekenkamer verantwoordt de baten en lasten van het vorig begrotingsjaar in het jaarverslag aan de raad, als bedoeld in artikel 185, derde lid. 4.. De voorzitter doet jaarlijks vóór 1 juni een voorstel aan de raad voor de nodige middelen voor een goede uitoefening van de taken. 5.. Het presidium overlegt met de Rekenkamer over het benodigde budget, zoals bedoeld in art. 81j, lid 1.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel