**1..** Het is verboden zonder vergunning van het college een weg aan te
leggen, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven
of te spitten, aard of breedte van de wegverharding te
veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van
aanleg van een weg.
**2..** Het verbod in het eerste lid geldt niet voor overheden bij het
uitvoeren van hun publieke taak.
**3..** Het verbod geldt voorts niet voorzover in het daarin geregelde
onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Wet
beheer rijkswaterstaatswerken, het Provinciaal wegenreglement,
de Waterschapskeur, de Telecommunicatiewet of de daarop
gebaseerde Telecommunicatieverordening.
**4..** Op de vergunning bedoeld in het eerste lid is paragraaf 4.1.3.3
van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve
beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 5
Artikel 2:11
Aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2016