De hoofdstructuur van de ambtelijke organisatie wordt vastgesteld door het college.
Deze hoofdstructuur bestaat uit verschillende organisatieonderdelen: de uitvoeringsorganisaties, de
clusters van de ontwikkelorganisatie, Interne bedrijven (als geheel) en de Bestuurs- en Concernstaf.
3.Uitvoeringsorganisaties werken zakelijk en productgericht aan diensten voor de stad. Ze realiseren samen
nagenoeg alle transactie- en uitvoeringsprocessen van de gemeente Utrecht. De uitvoeringsorganisaties
zijn de volgende:
Vergunningen Toezicht en Handhaving (VTH)
Publiekszaken (PBZ)
Werk en Inkomen (W&I)
Volksgezondheid (VG)
Intern verzelfstandigd bedrijf Stadswerken (SW)
Utrechtse Vastgoed Organisatie (UVO)
De ontwikkelorganisatie werkt aan complexe strategische beleidsvorming, vervult een regiefunctie om
relevante interne en externe partijen hierbij te betrekken en adviseert de directieraad over kaderstelling
van de uitvoering. De ontwikkelorganisatie kent de volgende clusters:
Maatschappelijke Ontwikkeling (MO)
Culturele Zaken (CZ)
Veiligheid (VGL)
Wijken
Milieu & Mobiliteit (M&M)
Ruimtelijke en Economische Ontwikkeling (REO)
Projectorganisatie Stationsgebied (POS)
Projectbureau Leidsche Rijn (LR)
De Interne Bedrijven faciliteert het primaire proces van de gemeente en levert naast basisproducten en
diensten ook advies, onderzoek en projectmanagement.
De Bestuurs- en Concernstaf wordt omschreven in artikel 1.7
Elk organisatieonderdeel wordt geleid door een Integraal Resultaatverantwoordelijk Manager (IRM)1. De
Interne Bedrijven en de Bestuurs- en Concernstaf worden ieder als geheel aangestuurd door een IRM.
8.Aan het hoofd van de ambtelijke organisatie staat de gemeentesecretaris/algemeen directeur. De
gemeentesecretaris/algemeen directeur is eindverantwoordelijk voor het functioneren van de organisatie
en geeft met de directieraad sturing aan de organisatie.
9.Het college kan (tijdelijke) organisatorische onderdelen instellen en opheffen in de hoofdstructuur. Aan die
onderdelen kunnen taken van bestaande organisatorische onderdelen worden opgedragen.
10.De organisatie kent een vijfde cluster: de Raadsorganen. Dit cluster omvat zowel het onderdeel Griffie, dat
rechtstreeks voor de raad werkt, als het onderdeel Rekenkamer met de Rekenkamerstaf. Voor de
ambtenaren van de Griffie is de Raad het bevoegd gezag. De griffier is nevengeschikt aan de
gemeentesecretaris. Daarnaast maken de raadsleden en de fractiemedewerkers ten behoeve van de
administratieve en financiële systemen ook onderdeel uit van de Raadsorganen. De Raadsorganen maken
op eenzelfde wijze als de andere organisatieonderdelen gebruik van de Interne Bedrijven.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.2
Hoofdstructuur ambtelijke organisatie
Onderdeel van Organisatieregeling Gemeente Utrecht