**1..** De subsidieontvanger dient binnen zes maanden na afloop van de activiteit of na afloop van het tijdvak waarvoor subsidie is verleend, een aanvraag tot het vaststellen van subsidie in, tenzij bij de subsidieverlening een andere termijn is aangegeven.
**2..** Bij de aanvraag bedoeld in het eerste lid wordt in ieder geval overgelegd:
een rekening van baten en lasten voorzien van een toelichting;
een overzicht van bezittingen;
een activiteitenverslag.
**3..** Wanneer de subsidieontvanger ingevolge artikel 2:361 Burgerlijk Wetboek verplicht is tot het opstellen van een jaarrekening, overlegt hij de jaarrekening in plaats van het financiële verslag als bedoeld in het tweede lid.
HOOFDSTUK 1 › Paragraaf 7
Artikel 1.20
Aanvraag tot subsidievaststelling
Onderdeel van Algemene subsidieverordening maatschappelijk en sociaal welzijn voor de gemeente Doesburg 2002