Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1 › § 2

Artikel 4

Uitzonderingen

Onderdeel van Participatieverordening

Een referendum kan niet worden gehouden over: de rechtspositie van ambtsdragers of gewezen ambtsdragers als zodanig dan wel hun nagelaten betrekkingen of hun rechthebbenden; de gemeentelijke belastingen, bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet individuele kwesties, zoals benoemingen, ontslagen, schorsingen,    kwijtscheldingen, schenkingen de vaststelling van de gemeentelijke begroting en de rekening; een besluit ter uitvoering van een hoger bestuursorgaan of de wetgever waaromtrent de raad geen beleidsvrijheid heeft; een besluit tot vaststelling of wijziging van een bestemmingsplan; het voor kennisgeving aannemen van notities en rapporten; een besluit inhoudende een algemeen verbindend voorschrift dan wel de intrekking daarvan; een besluit als bedoeld in artikel 158, eerste lid, van de Gemeentewet; een besluit als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder a, van de wet Algemene regels herindeling; besluit in het kader van bezwaar- of beroepsprocedures of rechtsgedingen; een besluit welk naar het oordeel van de raad zijn grondslag vindt in een eerder besluit waarover een referendum is gehouden of kon worden gehouden. een besluit in het kader van deze verordening; een onderwerp waarvan de raad van mening is dat er andere dan bovengenoemde dringende redenen zijn om geen referendum te houden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel