Een referendum kan niet worden gehouden over:
- - de rechtspositie van ambtsdragers of gewezen ambtsdragers als zodanig dan wel hun nagelaten betrekkingen of hun rechthebbenden;
- - de gemeentelijke belastingen, bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet
- - individuele kwesties, zoals benoemingen, ontslagen, schorsingen, kwijtscheldingen, schenkingen
- - de vaststelling van de gemeentelijke begroting en de rekening;
- - een besluit ter uitvoering van een hoger bestuursorgaan of de wetgever waaromtrent de raad geen beleidsvrijheid heeft;
- - een besluit tot vaststelling of wijziging van een bestemmingsplan;
- - het voor kennisgeving aannemen van notities en rapporten;
- - een besluit inhoudende een algemeen verbindend voorschrift dan wel de intrekking daarvan;
- - een besluit als bedoeld in artikel 158, eerste lid, van de Gemeentewet;
- - een besluit als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder a, van de wet Algemene regels herindeling;
- - besluit in het kader van bezwaar- of beroepsprocedures of rechtsgedingen;
- - een besluit welk naar het oordeel van de raad zijn grondslag vindt in een eerder besluit waarover een referendum is gehouden of kon worden gehouden.
- - een besluit in het kader van deze verordening;
- - een onderwerp waarvan de raad van mening is dat er andere dan bovengenoemde dringende redenen zijn om geen referendum te houden.