Naar hoofdinhoud
In deze nadere regels wordt verstaan onder: (Doelgroep)peuters: in de gemeente Bodegraven-Reeuwijk woonachtige kinderen van 2 tot 4 jaar. Bestuursrechtelijke handhaving: handhaving in de vorm van een genomen besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom, bestuursdwang of een bestuurlijke boete. Borgingsdocument Doorgaande Lijn: document waarin de voorschoolse locatie en basisschool hun samenwerkingsafspraken vastleggen. De onderdelen die in het document dienen terug te komen staan in het Kwaliteitskader VVE . College: het college van burgemeester en wethouders. Doelgroeppeuter: kind dat op indicatie van de JeugdGezondheidsZorg (JGZ) in aanmerking komt voor een peuterplek VVE. DUO: Dienst Uitvoering Onderwijs, onderdeel van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Houder: de rechtspersoon aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet toebehoort, waarbij onder ‘onderneming’ wordt begrepen een in Bodegraven-Reeuwijk gevestigde locatie voor kinderopvang waar peuterspeelzaalwerk wordt uitgevoerd en die in het LRKP staat geregistreerd als kinderdagverblijf. Inkomensverklaring (voorheen IB 60): een officiële verklaring van de Belastingdienst inzake de inkomensgegevens van een persoon in een bepaald belastingjaar. Kinderdagverblijf: locatie waar dagopvang voor kinderen tussen de 0 en 4 jaar wordt gerealiseerd, volgens de eisen van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen. Kinderopvangtoeslag: de tegemoetkoming van het Rijk aan ouders bedoeld als gedeeltelijke bijdrage in de kosten voor in het LRKP geregistreerde kinderopvang. Kwaliteitskader VVE: Bijlage bij deze nadere regels, waarin de eisen die we in Bodegraven-Reeuwijk stellen aan het VVE-aanbod en de uitvoering ervan staan opgesomd. 2017 geldt als overgangsjaar bij de toepassing van de kwaliteitseisen. LRKP: Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen: Register waarin kinderopvangvoorzieningen en peuterspeelzalen zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke eisen. Ouderbijdrage: financiële vergoeding die ouders moeten betalen voor de afname van een peuterplek (hetzij regulier, hetzij VVE) voor hun kind, afgestemd op het verzamelinkomen van het huishouden. Ouderbijdragentabel: een door het college opgesteld overzicht van de ouderbijdrage per inkomensgroep. Ouders: ouder(s) of verzorgers van de peuter. Gecertificeerd volgsysteem (bijv. Peuterestafette): overdrachtsinstrument waarmee pedagogisch medewerkers op een systematische manier hun beeld van de ontwikkeling van een peuter beschrijven. Dit document wordt vervolgens besproken met ouders en overgedragen naar de toekomstige basisschool. Peutergroep: een peutergroep bestaat uitsluitend uit peuterplekken regulier en/of peuterplekken VVE. Peuterplek regulier: plek van één of twee dagdelen per week voor peuters vanaf 2 jaar tot het moment waarop zij uitstromen naar de basisschool, gedurende 40 weken per jaar. Het aantal uren per peuterplek per week is 5. De plek bevindt zich op een peuteropvanglocatie die in het LRKP staat geregistreerd als VVE gecertificeerd. Peuterplek VVE: plek voor doelgroeppeuters vanaf 2,5 jaar tot het moment waarop zij uitstromen naar de basisschool, van twee tot vier dagdelen per week, verspreid over minimaal 2 weekdagen, gedurende 40 weken per jaar. Het aantal uren per week is 10. De plek bevindt zich op een peuteropvanglocatie die in het LRKP staat geregistreerd als VVE gecertificeerd. Peuterspeelzaalwerk: educatieve opvang voor kinderen vanaf 2 jaar tot het moment waarop zij naar de basisschool uitstromen, gericht op ontwikkelingsstimulering en voorbereiding op de basisschool en die voldoet aan de eisen uit de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen met het daarbij behorende Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. Peuterspeelzaalwerk wordt uitgevoerd op peuterspeelzaalwerklocaties in groepen van maximaal 16 peuters per groep. De ontwikkeling van alle peuters wordt gevolgd middels een observatiesysteem. Peuterspeelzaalwerklocatie: de locatie, geregistreerd als kinderdagverblijf in Bodegraven-Reeuwijk in het LRKP, waar de houder peuterspeelzaalwerk uitvoert. Peuterspeelzaalwerk in een Integraal Kindcentra (IKC) : een groep waarin peuterspeelzaalwerk met VVE wordt gerealiseerd voor doelgroeppeuters en niet-doelgroeppeuters, onder regie van de basisschool. Eén van de pedagogisch medewerkers is een leerkracht met een Pabo-opleiding. Vereiste taalniveaus: de landelijk gehanteerde eisen aan de taalniveaus van pedagogisch medewerkers op de peuterspeelzaalwerklocaties, te weten 2F voor schrijfvaardigheid en 3F voor spreek- en luistervaardigheid. Deze eisen zijn afkomstig uit de Referentieniveaus taal van de commissie Meijerink. Verzamelinkomen: Door de Belastingdienst gehanteerde term voor het jaarinkomen uit box 1, box 2 en box 3 verminderd met de aftrekposten. Het betreft hier het jaarinkomen van het hele gezin. VVE (voor- en vroegschoolse educatie): hier opgevat als peuterspeelzaalwerk voor kinderen vanaf 2,5 jaar tot het moment waarop zij naar de basisschool uitstromen, waarin via een VVE-programma op gestructureerde en samenhangende wijze activiteiten worden aangeboden gericht op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen op het gebied van rekenen, taal, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling. VVE-programma: programma voor voorschoolse educatie, gericht op de vier ontwikkelings-domeinen taal, rekenen, motoriek, sociaal- emotionele ontwikkeling: Piramide, Ko-totaal, Startblokken, Peuterplein en Kleuterplein, Kaleidoscoop, Schatkist, Sporen, Doe meer met Bas, Speelplezier,  Puk & Ko of ander erkend programma.

Rechtspraak bij dit artikel