Het college draagt er zorg voor, dat al het beleid waartoe de raad heeft besloten actueel wordt vertaald en informeert de raad hierover door middel van tussentijdse rapportages drie keer per jaar omtrent de financiële positie van de gemeente.
De onder art. 1 genoemde informatie wordt de raad aangeboden bij gelegenheid van de voor-jaarsnota (medio mei), de aanbieding van de begroting voor het volgend dienstjaar (medio september) en in november ten behoeve van de laatste raadsvergadering van het jaar.
Ontwikkelingen welke van invloed zijn op het financiële beeld worden of budgettair vertaald (b.v. bestuurlijke rapportages , majeure ontwikkelingen), dan wel opgenomen in het financieel perspectief d.m.v. verwerking in de risicoparagraaf.
Daarnaast worden bij de voorjaarsnota en bij de (toelichting op de) begroting tevens die zaken toegevoegd welke nog niet budgettair vertaald (kunnen) worden maar wel de financiële positie verduidelijken en completeren. De ontwikkelingen binnen de totale financiële positie kennen een rubricering welke verwijst naar corresponderende producten/taakvelden, en programma’s.
De rapportages gaan in op substantiële/relevante afwijkingen, zowel wat betreft de lasten/baten (input/revenuen), de geleverde producten/ Taakvelden (output) en indien daar aanleiding voor is de maatschappelijke effecten (outcome). In de rapportages wordt in ieder geval aandacht besteed aan:
inkomsten uit de algemene uitkering
de renteontwikkelingen op de kapitaalmarkt
resultaten uit grondexploitatie
uitgaven in het kader van open einderegelingen
uitgaven in de sfeer van bijstand c.a.
suggesties voor bijsturing en herprofilering.
Hoofdstuk 2
Artikel 6.
Tussentijdse rapportage
Onderdeel van Financiele verordening gemeente Huizen 2016