Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling 11.

Artikel 2:58

Verontreiniging door honden

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente IJsselstein 2016

1.. Degene die zich met een hond op een openbare plaats begeeft is verplicht ervoor te zorgen dat de uitwerpselen van die hond onmiddellijk worden verwijderd. 2.. Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op door het college aangewezen plaatsen. 3.. De in het eerste lid gestelde verplichting geldt niet voor degene die zich vanwege zijn handicap laat begeleiden door een geleidehond of hulphond, die aantoonbaar als zodanig gekwalificeerd is. 4.. De strafbaarheid wegens overtreding van de in het eerste lid gestelde verplichting wordt opgeheven, indien de eigenaar of de houder van de hond de uitwerpselen met een doeltreffend hulpmiddel onmiddellijk verwijderd en in de daarvoor bestemde afvalbakken stopt of mee naar huis neemt. 5.. De eigenaar of houder van de hond is verplicht, indien hij zich op een openbare plaats bevindt, een doeltreffend hulpmiddel bij zich te hebben dat geschikt is voor het opruimen van de uitwerpselen van de hond. 6.. De eigenaar of houder van de hond die zich met die hond op een openbare plaats bevindt, is verplicht dit doeltreffende hulpmiddel op eerste vordering van een toezichthoudende ambtenaar te laten zien. 7.. Het is verboden uitwerpselen al dan niet rechtstreeks te verwijderen via het riool.

Rechtspraak bij dit artikel