Naar hoofdinhoud

Artikel 5:

Afwijzings- en beeindigingsgronden

Onderdeel van Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Westervoort

1.. Onverminderde de overige bepalingen in deze beleidsregels besluit het college tot beëindiging c.q. het weigeren van de schuldhulpverlening indien: het schuldhulpverleningstraject succesvol is afgerond; verzoeker zelfstandig ondernemer is en ingeschreven staat bij de Kamer van Koophandel; verzoeker in staat is om zijn schulden zelf te regelen, dan wel in staat is de schulden zelfstandig te beheren; de verzoeker zijn beschikbare aflossingscapaciteit niet wil gebruiken voor het aflossen van zijn schulden; de geboden schuldhulpverlening niet langer passend is, gelet op de persoonlijke omstandigheden van de verzoeker; achteraf blijkt dat op grond van onjuiste gegevens schuldhulpverlening aan verzoeker is toegekend, terwijl indien dit ten tijde van de aanvraag bekend was geweest bij het college, een ander besluit zou zijn genomen; verzoeker zich misdraagt jegens medewerkers, belast met werkzaamheden die voortkomen uit het schuldhulpverleningstraject; indien de schuldhulpverlening door het college niet langer noodzakelijk wordt geacht; de verzoeker de verplichtingen zoals bedoeld in artikel 6 en 7 van de wet niet of niet in voldoende mate is nagekomen, nadat hij met een hersteltermijn in de gelegenheid is gesteld om dit verzuim te herstellen; de verzoeker geen inwoner meer is van de gemeente Westervoort of op korte termijn zal verhuizen; de verzoeker is komen te overlijden; de verzoeker is toegelaten tot de WSNP, dan wel het faillissement is uitgesproken; de schulden van verzoeker ontstaan zijn door fraude, als bedoeld in artikel 3, derde lid, van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel