Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
kunstzinnige vorming: het geheel van buitenschoolse activiteiten in de vorm van lessen en cursussen, zowel individueel als in groepsverband gegeven door bevoegde docenten in de disciplines beeldend, muziek, dans, drama, audiovisueel en literatuur, alsmede de uitvoering van de steunfunctie kunstzinnige vorming;
steunfunctie: het geheel van activiteiten die tot doel hebben de kunstzinnige vorming zoals die in de gemeente Dronten wordt aangeboden te ontwikkelen, te vernieuwen, beleidsmatig te onderbouwen danwel uit te voeren, inclusief de verbetering van de kwaliteit en doelmatigheid van het werk;
cultuureducatie: alle vormen van educatie waarbij de disciplines van de kunstzinnige vorming en het materiële culturele erfgoed als middel of doel worden ingezet in een actieve en een receptieve component;
commissie: Bestuurscommissie Kunstzinnige Vorming;
het instituut: het Centrum voor Kunstzinnige Vorming zoals dat bij raadsbesluit van 29 mei 1997 werd ingesteld, danwel de organisatie die ontstaat als gevolg van uitbreiding van het takenpakket met nog andere disciplines van de kunstzinnige vorming;
docenten: de door burgemeester en wethouders of hun rechtsopvolgers aangestelde medewerkers die belast zijn met de daadwerkelijke uitvoering van de activiteiten op het gebied van de kunstzinnige vorming;
directeur: de door burgemeester en wethouders of hun rechtsopvolgers aangestelde medewerker die belast is met de dagelijkse leiding van het instituut.
niet onderwijzend personeel: de medewerkers van het instituut met een andere taak dan die van directeur of docent.
HOOFDSTUK I.
Artikel 1.
Begripsomschrijving
Onderdeel van Verordening regelende de taak, de bevoegdheden en de samenstelling van de Bestuurscommissie Kunstzinnige Vorming