De kwaliteit van de leefomgeving wordt ondermeer bepaald door de
mate van controle op de naleving van de gestelde normen. Controle
betekent ook “gezien worden” en dat werkt als regel preventief.
Gekoppeld aan handhavingscommunicatie zal dit een positief effect
hebben op genoemde kwaliteit.
De surveillance kan door elke discipline worden uitgevoerd. Het gaat
er dan om dat bevindingen bij het juiste bevoegd gezag wordt
gedeponeerd: ook dat is een vorm van ketentoezicht.
Periodiek wordt een gebied, al dan niet steekproefsgewijs,
gecontroleerd of er overtredingen zijn. Deze controles vinden plaats
aan de hand van incidentele fysieke perceelscontroles. Dat geldt
niet alleen voor Wabo-gerelateerde taken. Ook het toezicht in de
openbare ruimte vindt hierin plaats. Een nadere toelichting hierop
las u in paragraaf 5.4.1. en in het HUP wordt jaarlijks concreet de
opdracht geformuleerd.
Hoofdstuk 6. › Paragraaf
Artikel 6.3.1
Preventief: de gebiedssurveillance
Onderdeel van Integraal Handhavingsbeleid IJsselstein 2016-2018