**1..** Op verzoek hiertoe van burgemeester en wethouders dient de vergunninghouder de voor de vergunning relevante informatie te verstrekken.
**2..** Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning intrekken of wijzigen:
op verzoek van de vergunninghouder;
wanneer de vergunninghouder het gebied waarvoor de vergunning is verleend, voor bewoning verlaat of het daar uitgeoefende beroep of bedrijf beëindigt;
wanneer er zich een wijziging voordoet in een van de omstandigheden die relevant waren voor het verlenen van de vergunning;
wanneer voor het betreffende gebied het stelsel van vergunningen komt te vervallen;
wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften;
wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de vergunning onjuiste gegevens zijn verstrekt;
om reden van openbaar belang;
bij het niet (volledig) nakomen van het bepaalde bij of krachtens deze parkeerverordening;
als de criteria waaronder de vergunning is verleend, gewijzigd zijn.
**3..** Een besluit tot het intrekken of wijzigen van een vergunning is met redenen omkleed. De betrokkene wordt van het intrekken of het wijzigen van de vergunning schriftelijk in kennis gesteld.
**4..** Wanneer een parkeervergunning is ingetrokken op grond van het bepaalde in het tweede lid onderdeel e, f, of h, wordt een aanvraag om een parkeervergunning pas behandeld na afloop van de periode waarvoor de ingetrokken vergunning was verleend.
AFDELING IV
Artikel 10
Intrekking en wijziging van de vergunning
Onderdeel van Algemeen verbindend voorschrift van de gemeenteraad van de gemeente Amersfoort houdende parkeren Parkeerverordening 2016-II