De wethouders ontvangen een tegemoetkoming in de kosten van het reizen tussen hun woning en werkplaats, met dien verstande dat:
geen tegemoetkoming wordt verstrekt indien de afstand tussen de woning en de werkplaats van de wethouder tien kilometer of minder bedraagt;
de tegemoetkoming niet hoger wordt gesteld dan de bedragen die bij of krachtens artikel 12 van het Verplaatsingskostenbesluit 1989 (Stb. 1994, 243) zijn of zullen worden vastgesteld.