Naar hoofdinhoud
1.. Uittreding van een gemeente geschiedt bij besluiten van het college van burgemeester en wethouders van de betreffende gemeente. 2.. Het besluit als bedoeld in lid 1 dient tenminste zes maanden voor de beoogde datum van uittreding kenbaar zijn gemaakt aan het algemeen bestuur. 3.. Een uittredende gemeente is gehouden na uittreding bij te dragen in het begrote nadelig saldo van het laatste volledige jaar van deelname, en wel in het eerste kalenderjaar na uittreding het volle aandeel, in het tweede jaar na uittreding 75 procent van het aandeel, in het derdejaar na uittreding 50 procent van het aandeel en in het vierde jaar na uittreding 25 procent van het aandeel. 4.. De uittreding treedt niet in werking dan na opname in de registers bedoeld in artikel 27, eerste en tweede lid, van de Wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel