De ambtsinstructie Leerplicht is allereerst een werkdocument voor de leerplichtambtenaar. Volgens artikel 16 lid 1 LPW is het toezicht op de naleving van de LPW aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente opgedragen. Tevens staat in dit lid dat zij daartoe één of meerdere ambtenaren als toezichthouders aanwijzen. In lid 2 staat dat deze ambtenaren de eed of de belofte moeten afleggen voordat zij hun ambt aanvaarden. Om deze reden is in artikel 9 van de Leerplichtregeling 1995 de ambtseed opgenomen. Volgens lid 3 zijn leerplichtambtenaren leerplichtzaken bevoegd hun taak uit te oefenen ten aanzien van leerlingen die in Nederland wonen of verblijfplaats hebben. Lid 4 gaat, zoals hierboven beschreven, over de inhoud van de ambtsinstructie.
Volgens artikel 16 lid 5 gaat de ambtsinstructie ervan uit dat de leerplichtambtenaar over de bevoegdheid van buitengewoon opsporingsambtenaar (BOA) beschikt, omdat voor de strafrechtelijke handhaving de medewerking van de politie niet meer mogelijk is.
De leerplichtambtenaar heeft binnen de uitvoering van de LPW, zowel met het bestuursrecht als het strafrecht te maken. De leerplichtambtenaar adviseert betreffende de artikelen 3a (vervangende leerplicht), 3b (vervangende leerplicht laatste schooljaar) en artikel 15 (vrijstelling voor het volgen van ander onderwijs) van de LPW, het college van burgemeester en wethouders over de te nemen beslissing. De leerplichtambtenaar is dan toezichthouder. Het bestuursrecht en dus de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is op de procedure/adviezen ten aanzien van deze artikelen van toepassing. Dus ook afdeling 5.2 van de Awb. Vanuit de Awb zijn een aantal bepalingen van deze wet, die op een toezichthouder in het algemeen betrekking hebben, ook op de leerplichtambtenaren van toepassing.
Ten aanzien van andere onderwerpen uit de LPW handelt de leerplichtambtenaar zelf als bestuursorgaan, zoals bij de uitvoering van artikel 11 sub g en artikel 14 lid 3 van deze wet. De leerplichtambtenaar is ook hierbij toezichthouder en ook ten aanzien van deze beslissingen is de Awb van toepassing.
Hiernaast dient de leerplichtambtenaar om bepaalde taken binnen de LPW uit te kunnen voeren, om de LPW te kunnen handhaven, tevens buitengewoon opsporingsambtenaar (BOA) te zijn. Ten aanzien van deze taken zijn het Openbaar Ministerie en de Korpschef de toezichthouders. Het Wetboek van Strafvordering (WvSv) is op zijn handelingen en beslissingen van toepassing. (art. 1:6 Awb).
De leerplichtambtenaren zijn dus zowel toezichthouder als handhaver.
De ambtsinstructie Leerplicht is dus allereerst een document voor de leerplichtambtenaar.
Ten tweede kan ook de burger er bepaalde rechten aan ontlenen. De ambtsinstructie is een beleidsstuk en bevat richtlijnen. De burger, leerlingen, ouders, scholen en andere betrokkenen moeten de ambtsinstructie erop na kunnen slaan om te zien hoe zij behandeld zullen worden en wat hun rechten en hun plichten zijn.