Leerplichtambtenaren handelen zoals vanuit hun ambtelijke functie en de Leerplichtwet 1969 (LPW) wordt verlangd. Ook speelt de Wet Bescherming Persoonsgegevens (Wbp) een belangrijke rol.
Op het gebruik van leerplichtgegevens is deze wet namelijk van toepassing. De leerplichtambtenaar gaat met leerplichtgegevens om zoals in deze wet is vastgelegd. De leerplichtambtenaar verstrekt slechts gegevens uit het leerlingdossier aan derden, binnen de grenzen van deze wet en het Vrijstellingsbesluit Wbp. In het bijzonder artikel 20 van dit Vrijstellingsbesluit. Dit artikel regelt de voorwaarden voor vrijstelling van de meldingsplicht van de leerlingenadministratie. De gemeente hoeft de verwerking van persoonsgegevens van leer- en kwalificatieplichtigen dan niet te melden bij het Centraal Bureau Persoonsregistratie (CBP).
De leerplichtambtenaar is officieel als leerplichtambtenaar beëdigd en handelt hiernaar. De leerplichtambtenaar is tevens buitengewoon opsporingsambtenaar en handelt conform de hiervoor wettelijk gestelde regelgeving.
De gemeentelijke bezwaarprocedure is van toepassing op besluiten die door de leerplichtambtenaar worden genomen, waarbij zij het bestuurorgaan zijn. De Algemene wet bestuursrecht (Awb) is op deze besluiten van toepassing.
Dit geldt niet voor de beslissingen die de leerplichtambtenaar binnen het strafrechtelijke traject, als buitengewoon opsporingsambtenaar, neemt. Hierop is het Strafrecht van toepassing.
Klachten worden behandeld volgens de gemeentelijke klachtenprocedure.