**1..** In de vergunning als bedoeld in artikel 5:13 lid 1 APV wordt in ieder geval vermeld:
een omschrijving van de toegewezen standplaats met vermelding van de afmetingen en het kadastraal nummer van de locatie;
een omschrijving van de verkoopinrichting;
de branche als bedoeld in artikel 2.1 onder d tot en met i waarin door de vergunninghouder op de hem toegewezen standplaats goederen worden verkocht of diensten aangeboden;
de dag(en) en de verkoopperiode als bedoeld in artikel 4.8 waarop van de standplaats gebruik mag worden gemaakt;
het aantal keren dat het bestuursorgaan, in verband met te organiseren evenementen op de betreffende standplaats, bevoegd is om 14 dagen van tevoren vergunninghouder in kennis te stellen dat van de vergunning geen gebruik kan worden gemaakt;
de motivering van het besluit;
**2..** Een vergunning als bedoeld in artikel 5:13 lid 1 APV wordt verleend onder de voorwaarden dat:
de vergunninghouder alvorens de standplaats fysiek in te nemen, contact dient op te nemen met de afdeling Ruimte om de exacte plaats van de standplaats te bepalen;
de vergunning voor het innemen van een reguliere standplaats niet mag worden ingenomen op feestdagen;
de vergunninghouder voldoende verzekerd moet zijn en blijven tegen vorderingen tot schadevergoeding, waartoe hij als gebruiker van een verkoopinrichting krachtens wettelijke aansprakelijkheidsbepalingen zou kunnen worden verplicht wegens aan derden toegebrachte schade.
(indien en voor zover de standplaatslocatie binnen een hemelsbreed gemeten afstand van 400 meter van het kermisterrein is gelegen) met inachtneming van het maximaal aantal te verlenen standplaatsvergunningen, de vergunninghouder zijn standplaats niet mag innemen tijdens de jaarlijkse kermis in Geldrop en Mierlo en de voorjaarskermis in Geldrop.