**1..** Het havengeld bedraagt, indien het per keer wordt berekend:
a1.
voor sleepboten, baggermolens, elevatoren, drijvende werktuigen en werkinrichtingen, zogenaamd aannemersmateriaal, boten- en badhuizen, woonschepen, houtvlotten, balken, aanlegsteigers en dergelijke, voor iedere m2 in te nemen plaatsruimte
€ 0,15
a2.
voor passagiersschepen voor iedere m2, met dien verstande dat indien het verblijf in de haven ten hoogste één dag duurt geen havengeld wordt geheven
€ 0,15
a3.
voor pleziervaartuigen voor iedere m2 in de te nemen plaatsruimte en per dag
€ 0,166
b.
voor alle overige vaartuigen met uitzondering van zeevaartuigen per m3 waterverplaatsing
€ 0,15
c.
voor zeevaartuigen, geen pleziervaartuigen zijnde, per bruto-ton draagvermogen
€ 0,16
**2..** In geval door een vaartuig minder dan de helft van de totale scheepstonnage en/of kubieke meters inhoud wordt geladen of gelost, wordt het havengeld berekend over de helft van de scheepstonnage en/of kubieke meters inhoud, ongeacht hoeveel minder dan de helft wordt gelost of geladen.
Hoofdstuk II
Artikel 10
Tarieven
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van de scheepvaartrechten 2011